Karckezolder

H01

 

In de Nederlands Hervormde Kerk sprak de voorzitter van de ”Stichting Twisca” dhr. J.C. Donker, op vrijdag 11 juni 1999 om 16.00 uur de genodigden toe. Hij gaf het woord aan de toenmalige burgemeester van de gemeente Noorder- Koggeland de weledele heer N. Dorrestijn, die het museum de “Karckezolder” officieel opende.

Wat was de aanleiding om zelf als “Stichting Twisca” een museum te beginnen? Sinds de oprichting van “Twisca” in 1995 hadden we vanuit de bevolking van Twisk  veel materiaal gekregen, dat het tentoonstellen waard was, maar waar we geen ruimte voor hadden. Daarbij kwam ook, dat ons in 1998 door de gemeente Noorder-Koggenland het beheer aangeboden werd van de archeologische verzameling van Sake Visser (Sjaak).

Hieraan ligt een hele geschiedenis ten grondslag.

Sjaak Visser, ongehuwd, woonde met zijn ouders in de Horn te Twisk. Hij was een kleine boer, met melkkoeien, wat schapen en varkens. Hij had van jongs af al belangstelling voor archeologie en verdiepte zich daar dan ook in.

Aangezien hij in het oudste deel van Twisk woonde had hij de gedachte dat er op zijn erf wel eens wat in de grond zou kunnen zitten. Hij groef in de zomer grote gaten in zijn erf van wel 1 m in doorsnee en zeker 2 m diep. Hij vond tot zijn verrassing veel scherven, maar ook delen van vroegere gebruiksvoorwerpen, potten, kannen, muntjes enz. Hij deed dat alles heel secuur in kisten en dozen en bewaarde dat. In de winter, als het in de koeienstal aangenaam van temperatuur was, zocht hij dat allemaal uit, sorteerde het en lijmde het waar nodig weer in elkaar. Ook werd het hier en daar weer wat bijgeverfd. Zo ontstond door de jaren heen een bijzondere verzameling, voornamelijk van zijn eigen erf of soms uit de naaste omgeving.

Toen Sjaak op latere leeftijd een vriendin ontmoette, zijn ouders waren toen geruime tijd daarvoor al overleden, wilde hij gaan verhuizen.

Hij moest een plek vinden voor zijn verzameling en bood het aan bij het West-Fries Museum. Het voldeed echter niet aan de kwaliteitseisen die het museum aan collecties stelt. Daarna werd het aangeboden aan de toenmalige gemeente Noorder-Koggenland, die wel de plaatselijke waarde er van inzag, maar geen ruimte had om het tentoon te stellen.

De vraag kwam bij “Twisca” of wij interesse hadden om de collectie te beheren.

Dit vroeg echter wel om ruimte en het idee kwam naar voren om eens te kijken op de zolder van de Ned. Herv. Kerk aan de Dorpsweg 121, die alleen maar in gebruik was voor de opslag van overbodig materiaal en heel veel stof. Het bestuur van de kerk gaf alle medewerking aan het gebruik

van de zolder om daar een